Interview met Exodusvrijwilliger-voorlichter Dirk (82) die zich al meer dan dertig jaar onvermoeibaar inzet voor onze deelnemers en gedetineerden.
“Luisteren is veel belangrijker dan spreken”
“In een ver verleden studeerde ik werktuigbouwkunde, maar ijzer is hard en koud: ijzer zegt niets terug. Veel liever wilde ik iets betekenen voor mensen die uit de boot dreigden te vallen. Tijdens mijn diensttijd heb ik bedrijfskunde gestudeerd en bij mijn eerste werkgever, de Nederlandse Dok en Scheepsbouw Maatschappij (NDSM), werd ik opgeleid tot arbeidsanalist. Later werd ik personeelsfunctionaris bij de zuivelcoöperatie Campina Melkunie.
Naast mensen
Vanuit mijn geloof en de kerkgemeenschap is het omzien naar gevangenen een van de ‘werken van barmhartigheid’. Zo zat ik halverwege de jaren negentig als bezoekvrijwilliger vrijwel wekelijks in de gevangenis bij mensen die weinig of geen familie hadden. Ik bood troost en had vooral een luisterend oor. Luisteren is veel belangrijker dan spreken. We hebben al snel de neiging om ongevraagd met allerlei voorstellen of oplossingen te komen. Het is juist de kunst om geduldig naast gedetineerden te gaan staan en hen zélf te laten ontdekken welk pad ze (zonder criminaliteit) willen bewandelen. Zo blijkt hun diepste verlangen dikwijls ‘huisje, boompje, beestje’.
Leidraad
Naast het bezoeken van gevangenen, hielp ik de deelnemers in onze Exodushuizen jarenlang met praktische zaken. Ik ging mee naar de gemeente, de sociale dienst, de woningbouwvereniging en de voedselbank. Ik regelde onder meer de aanvraag van zorgverzekeringen en identiteitskaarten en ik hielp met budgetbeheer. De vier sleutels van Exodus – wonen, werken, relaties en zingeving – waren voor mij hierbij de leidraad.
Onwetendheid
Binnen en vooral buiten de penitentiaire inrichtingen constateerden we opvallend veel onwetendheid over mensen die met justitie in aanraking komen. Het geven van gedegen voorlichting is dus enorm belangrijk. Vanaf 2006 gaven we met drie vrijwilligers voorlichting over wat Exodus kan betekenen voor gedetineerden, deelnemers en hun naasten. Zo komen we tot op de dag van vandaag op lagere en middelbare scholen, op universiteiten, maar ook in voetbalkantines en tijdens kerkdiensten, bij vrouwenverenigingen, ouderenclubs en maatschappelijke organisaties.
Dorre woestijn
Ex-gedetineerden komen niet in het beloofde land terecht, maar in een dorre woestijn waar mensen niet op hen zitten te wachten. Integendeel. We moeten samen het stigma proberen te verminderen. Bij de juridische faculteit in Amsterdam weten ze bijvoorbeeld alles van wetten, maar de studenten die ik voorlichting gaf hadden nog nooit een crimineel gezien of gesproken. Onbekend maakt onbemind en een gebrek aan informatie vergroot de kans op vooroordelen.
Ganzenbord
Wanneer je als kind thuis weleens gestraft werd en naar je kamer moest, dan herinner je je vast nog het moment waarop je ouders naar boven kwamen om je te vragen of je ‘het weer goed wilde maken’. Zo zou het ook in onze samenleving moeten gaan. Een mens is immers zoveel meer dan zijn delict. Eenieder verdient vergeving, een nieuwe kans.
Waarom ik dit werk al zoveel jaar onafgebroken doe? Nou, ik herinner me één vrouwelijke deelnemer die ik jaren geleden begeleidde en zij zei het volgende: ‘Mijn leven is heel lang een ganzenbord geweest. Drie stappen vooruit, in de put en terug naar af. Inclusief de gevangenis. Maar dankzij mensen zoals jij ben ik er weer in gaan geloven’.”
