Child Safeguarding Policy

Child Safeguarding Policy

Bij Exodus voelen kinderen zich veilig en gezien.

Hoe draag jij bij aan een veilige omgeving voor kinderen?

Exodus wil een veilige organisatie zijn voor iedereen, ook voor kinderen. Daarom heeft Exodus een Child Safeguarding Policy (CSP) opgesteld. Bij dit beleid staat centraal dat we kinderen altijd zien, niet alleen wanneer er iets is voorgevallen.

De wettelijk verplichte meldcode – ook onderdeel van het CSP – helpt ons om te handelen bij zorgelijke situaties. Daarnaast willen we proactief zorgen dat kinderen zich bij Exodus veilig voelen. Kinderen komen bijvoorbeeld op bezoek in onze Exodushuizen, worden begeleid naar de gevangenis, komen in contact met de pers of zijn betrokken bij beslissingen voor een deelnemer die ook hen aangaan.

CSP op een rij – voor kinderen en volwassenen

Bij Exodus vinden we het belangrijk dat kinderen altijd veilig zijn. Daarom hebben we regels gemaakt. Die regels heten Child Safeguarding Policy (CSP).

Wat betekent dat?

  • We letten op kinderen. We weten waar kinderen kunnen zijn, zoals in een Exodushuis of als ze naar de gevangenis worden gebracht.
  • We zijn vriendelijk.We praten rustig en op ooghoogte met kinderen.
  • We geven uitleg. We vertellen duidelijk wat er gebeurt, zodat kinderen weten wat er gaat gebeuren.
  • We nemen kinderen serieus. We luisteren naar hun mening en vertellen wat we ermee doen.
  • We melden zorgen. Als we denken dat er iets niet goed gaat of risico’s zien, melden we dat meteen binnen Exodus aan de mensen die hierover gaan: de aandachtsfunctionaris kind en de CSO. Waar nodig passen we de meldcode huiselijk geweld toe. 
  • We maken afspraken. Iedereen bij Exodus kent de regels en volgt ze. Medewerkers hebben een Verklaring Omtrent Gedrag (VOG) en krijgen training.

Waarom doen we dit?

Omdat ieder kind recht heeft op veiligheid en respect.

Wie zijn de contactpersonen?

  • Aandachtsfunctionaris kind
    Op elke locatie of afdeling is er een aandachtsfunctionaris kind. Dit is de eerste persoon die je kunt benaderen als er zorgen zijn.

  • Child Safeguarding Officer (CSO)
    De CSO werkt landelijk. De CSO:

    • let erop dat we het CSP-beleid goed uitvoeren en verbetert het beleid;
    • houdt zich aan strenge privacyregels;
    • heeft veel kennis over het veiligstellen van kinderen en de meldcode;
    • zorgt dat medewerkers training krijgen over ‘kinderen veilig in de organisatie’.

Je kunt de CSO bereiken via cso@exodus.nl

CSP op een rij – voor professionals

  1. Bij Exodus zien we kinderen. We weten waar ze binnen onze organisatie (kunnen) zijn. Ze zijn bijvoorbeeld kind van een deelnemer, ze wonen in het moeder-kindhuis in Venlo, ze reizen met een vrijwilliger in een auto naar de PI of terug.
  2. Iedereen binnen Exodus weet dat we een CSP-beleid hebben, en hoe we hiernaar handelen. 
  3. Binnen Exodus hebben we een Child Safeguarding officer (CSO) en per locatie/afdeling een aandachtsfunctionaris kind. De CSO is de medewerker die landelijk is aangesteld om het CSP-beleid te monitoren, te evalueren en te rapporteren over de uitvoering en herziening van het beleid. Dit gebeurt volgens strikte privacyrichtlijnen. De CSO heeft kennis van het veiligstellen van kinderen, en de eventuele toepassing van de meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling. De CSO zorgt dat training over ‘kinderen veilig in de organisatie’ plaatsvindt. Contact vindt in eerste instantie plaats met de lokale aandachtsfunctionaris kind, maar de CSO is ook rechtstreeks bereikbaar via cso@exodus.nl.
  4. Proactief zorgen voor veiligheid doen we zo:
    1. We voelen de verantwoordelijkheid om kinderen welkom te heten;
    2. We praten rustig tegen kinderen en benaderen hen vriendelijk;
    3. We zorgen dat we door ons gedrag en onze houding kinderen geen schade toebrengen of schrik aanjagen;
    4. We geven goede uitleg en informatie: het kind en zijn familie krijgen bijvoorbeeld informatie over hoe een project of een Exodushuis eruitziet, zodat we onnodige spanningen wegnemen; 
    5. We gebruiken taal die niet stigmatiseert;
    6. We gebruiken taal die het kind kan begrijpen, mondeling of op schrift;
    7. We praten op ooghoogte met een kind;
    8. We houden rekening met kinderen als we beslissingen nemen over onze deelnemers, programma’s of projecten;
    9. We geven kinderen de ruimte om vrijwillig deel te nemen aan activiteiten of bezoekmomenten;
    10. We nemen kinderen serieus, vragen hen om hun mening bij zaken die hen aangaan, en laten hen weten wat we met hun input/informatie hebben gedaan (kinderrecht art. 12);
    11. We reageren direct als we ons zorgen maken over een situatie en/of risico’s zien. Dan melden we dit via het ‘meldformulier CSP bij zorgen over een kind‘ zodat we op tijd met de aandachtsfunctionaris kind en CSO (cso@exodus.nl) en betrokkenen kunnen kijken of er voor het kind preventief iets nodig is, dan wel de stappen van de meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling gestart moeten worden;
    12. We maken een risico-analyse als we activiteiten hebben waarbij kinderen betrokken zijn, voor deze analyses hebben we een checklist;
    13. Medewerkers en vrijwilligers hebben een VOG en krijgen training;
    14. Medewerkers en vrijwilligers kennen de gedragscode;
    15. Iedereen bij Exodus kent de definities van wat Exodus verstaat onder kinderen, contact met kinderen, misbruik, geweld, verwaarlozing, discriminatie, zoals beschreven in ons beleid.